Pannenkoeken

Pannenkoeken, wie is er niet groot mee geworden? In mijn kindertijd-herinneringen was het mijn favoriete traktatie voor een woensdagmiddag. En op een of andere manier aten we voor mijn gevoel altijd pannenkoeken tussen de middag. Niet als avondmaaltijd. Dat kwam later pas, in mijn tienerjaren. Mijn favoriete beleg was altijd – en is nu nog steeds – poedersuiker of jam. En eigenlijk het liefste beiden tegelijk. Mijn moeder doet ook al zolang ik me kan herinneren hetzelfde op haar pannenkoeken. Gewone suiker uit het suikerpotje. Zij vindt die crunch het lekkerst.

Ook het recept is in al die jaren nooit veranderd. Ik maak het beslag nog steeds zoals mijn moeder me het leerde. Op gevoel. Wat bloem, melk erbij tot het een bepaalde dikte heeft. Te dun? Meer bloem erbij, te dik? Meer melk. Dan eitje erdoor, klaar.
En op zich is dat een prima recept. Ware het niet dat ik dan van te voren nooit precies kon zeggen hoeveel beslag/pannenkoeken ik verkreeg. Soms bleven er dan te veel pannenkoeken over. Of was het voor mijn gevoel net te weinig en bleef er nog wat trek over. Dus ik besloot het recept eens goed uit te schrijven. Precies bij te houden hoeveel ik nu daadwerkelijk van alles gebruikte. En dat heeft tot onderstaand recept geleid. Dus nog steeds zoals m’n moeder het maakte, nu alleen niet meer ‘op gevoel’, en met een meer constante hoeveelheid.

De enige twist die ik er zelf bij heb bedacht is de vanille. Manlief en ik houden van zoete pannenkoeken, oftewel, zoet beleg. Dus dan geeft dat beetje vanille net een extra dimensie aan de smaak. Dit recept is natuurlijk ook prima te gebruiken om bijvoorbeeld te maken met schijfjes appel als vulling. Dan zou ik misschien de vanille vervangen door wat kaneel. En ik zou het zelfs helemaal weglaten als en hartige vulling, zoals kaas of spek (mijn vaders favoriet) gebruikt wordt.

Dit recept heb ik gemeten in cups. Nu vervloek ik meestal recepten die meten in cups. Vreselijk. En dat is meestal voornamelijk omdat ik op een of andere manier steeds andere hoeveelheden in (of uit) zo’n cup krijg als de meeste recepten eigenlijk bedoelen. Mijn excuus voor deze keer? Nou, de batterij in mijn digitale weegschaal was op, dus echt afwegen was er niet bij. En het werkt wat sneller. 2x hele cup melk, 3x halve cup bloem, en eenderde cup voor het afmeten van het beslag. En dat met cups werken geeft toch een beetje het gevoel dat je ‘op gevoel’ een beslag hebt gemaakt. Haha. Maar vooruit, ik heb naderhand de batterij vervangen en ik heb er de precieze hoeveelheden bij gezet. Maar vergeet niet, dat is met mijn cup-maten gemeten. (Hihi, dat klinkt als een bh.) Als je zelf een eigen setje cups hebt kun je natuurlijk ook gewoon daar mee meten. De verhoudingen blijven dan hetzelfde.

Mijn tip om het gevreesde “eerste-pannenkoek-mislukt-altijd” te voorkomen? Verhit de pan goed voor. Dat klinkt misschien als een ‘duh’, maar ik merk dat ik tegenwoordig ook de eerste pannenkoek van de set gewoon kan serveren als een ‘gelukt’. Ik was altijd te ongeduldig. Pan op het vuur, boter erin, en als die was gesmolten het beslag erin. Fout. De boter is dan alleen maar warm, en de pannenkoek eindigt dan niet zoals je wilt. Ik zet nu de pan om het vuur, en wacht. Tja, dat wachten hè? Geen uren ofzo, maar net lang genoeg dat wanneer je er een klontje boter in mikt, deze meteen begint te sissen en sputteren en voor je het weet bruin is. Dat is de temperatuur die je wilt hebben.

 

Wat heb je nodig voor 13-15 pannenkoeken?

  • 1½ cup bloem (260 g)
  • snufje zout
  • 2 cups melk (260 ml)
  • ½ tl vanille-extract
  • 2 eieren
  • boter om te bakken

Aan de slag!

Meng in een grote kom met een garde de bloem, zout en melk door elkaar tot een glad beslag. Klop er de vanille en eieren door. Laat het beslag ongeveer 10 minuten rusten voor je het gebruikt.
Smelt in een koekenpan op middelhoog vuur een klontje boter. Schep 1/3 cup van het beslag in de pan en draai de pan wat in het rondte om het beslag over de bodem te verdelen. Bak de pannenkoek aan de onderkant goudbruin, en tot de bovenkant bijna is opgedroogd. Keer de pannenkoek dan om en bak de andere kant ook goudbruin.
Serveer de pannenkoek direct, of stapel op een bord dat au-bain-marie warm wordt gehouden en dek af met aluminium-folie.
Serveer de pannenkoeken met topping naar keuze, bijvoorbeeld jam, (appel)stroop, poedersuiker, vanillesuiker of chocolade-pasta.

 

 

Leave a Reply